Janken in je startvak

20170313_101651Vorige week beschreef ik in dit blog mijn twijfels over mijn voorbereiding op de Boston marathon en hoe spannend ik de te lopen CPC daarom vond. Nu dus het vervolg… liep ik dat PR in een tijd van onder de 1.35 of lag de lat inderdaad te hoog?

Ik begon deze racedag als toeschouwer van Marjolein die onder de naam Sanne liep: zij ging voor de 10 km die om 12.00 begon. Vanaf het moment dat ik die ochtend was opgestaan merkte ik dat mijn adrenaline-niveau ‘lekker’ hoog was. Ik had last van mijn maag en zo’n onbestendig gevoel. Tijdens Marjoleins start werden mijn zenuwen erger doordat de ‘speaker’ fijne teksten omriep zoals: ‘zal het vandaag gaan lukken?’ ‘Gaan jullie een PR lopen?’ en ‘de spanning stijgt!’. Nogal afgezaagde oneliners moet ik zeggen maar bij mij hadden ze behoorlijk veel effect!

Terwijl Lein zich door de 10 km werkte stond ik in een steeds dapperder brandend zonnetje uit te kijken naar haar komst. Ik probeerde heel ontspannen te zijn en vooral niet te twijfelen maar als een of andere dwangneuroot (die ik ergens ook best ben) had ik het nodig om ‘in mijn hoofd’ lijstjes af te vinken. Dat gaat dan ongeveer zo: “Het moet wel goed gaan want je hebt goed geslapen, precies Tiny’s opdrachten uitgevoerd, veel koolhydraten gegeten, bietensap gedronken (had ik dat maar niet gedaan), magnesium en ijzer geslikt”… om vervolgens in lijstjes te schieten die ik zo’n beetje in mijn vorige blog beschreef. Die lijstjes hangen samen van twijfels en dingen die ik NIET gedaan heb. Ondertussen volgde ik op mijn telefoon de live-tracker waarop mijn Instagram loopmaatje Bernard Bizet uit Frankrijk met grote snelheid de finish naderde. Ik moedigde hem aan, maakte een filmpje en focuste daarna weer op Marjolein. Ook haar wist ik succesvol te filmen en aan te moedigen.

Er volgde eens soort pauze die lekker afleidend was omdat er allemaal vrienden, Instagrammers en mede-Frontrunners te ontmoeten waren. We maakten foto’s en hoe kan het ook anders: we praatten over hardlopen; ons favoriete onderwerp!

Toch wilde ik al snel ‘de tunnel’ in. Ik wilde me afsluiten en me concentreren op mijn run. Mijn warme jas en tight maakten plaats voor een tanktop en korte broek en voor ik het wist was ik nu aan de beurt om in het startvak plaats te nemen. Ik spotte allemaal bekenden maar liet ze voornamelijk met rust. Dat vond ik zelf ook fijner. De spanning steeg, ik werd mega onzeker. ‘Wat als ik het nou helemaal verknal?’ schoot er door me heen? Ja wat dan? Menigeen zal denken: ‘maak je druk! Het is maar een hobby’… klopt maar bij mij ligt dat dus anders. De exacte ‘trigger’ weet ik niet maar ik voelde ineens tranen in mijn ogen en was dankbaar dat ik mijn zonnebril op had. Net op tijd herpakte ik me. Het startschot klonk en weg waren we!

12752434-DEF8F8B656889CCE185C

foto: Evert Buitendijk Fotografie

Ik ga hier niet per kilometer vertellen wat er gebeurde maar in hoofdlijnen zag het er zo uit: Ik had behoorlijk last van de warmte. Ik houd van zon maar voor mij was het niet ideaal om stralend weer te hebben tijdens mijn grote test. Bij het 10 kilometerpunt besefte ik dat ik de te lopen pace van 4.30 niet vast zou kunnen houden. Ik werd een ‘pussy’ en overwoog om te stoppen. Mijn nuchtere ik bedacht dat dat onhandig zou zijn want dan moest Marjolein zo lang op me wachten. Dan maar doorgaan op een tempootje alsof ik ‘thuis’ liep. Verrassend genoeg constateerde ik dat ik met die gedachte in mijn hoofd nog best een aardig tempo kon aanhouden. Bij 12 kilometer werd ik euforisch en overmoedig. Als een soort mantra gonsde door mijn hoofd: ‘ik ben een echte marathoner! Ik kom bij deze afstanden pas op gang!’ …. om bij 14 kilometer te denken: oh nee,… dat is toch niet zo. Ha ha !! Achteraf moet ik er vreselijk om lachen: wat een aanstelster!!

De laatste 7 kilometer heb ik met name kunnen volbrengen door aan 3 ‘voorbeeld hardloopsters’ in mijn omgeving te denken: Joke, Marieke en Nesrine. 3 bijters die enorm mooi presteren. Ik visualiseerde dat ik met hen meeliep. Vooral Joke hielp me omdat ik de laatste tijd vaker met haar gelopen heb. Ik dacht eraan hoe zij met haar kalme Belgische accent zinnige dingen zou zeggen en zo praatte ze me naar de finish.

20170313_101651

In 1.37.17 bereikte ik de eindstreep. Dat was dus geen PR maar het is ook zeker niet slecht. Ik liep snel door naar de medailles en drankjes en sloot me aan bij de jongens van Phanos waar ik voorheen mee trainde. Zij hadden uiteraard weer grandioze tijden gelopen (1.17 !!!). Wat een koningen zijn dat!

Met hen kwam ik al tot de conclusie dat ik het naar omstandigheden best goed gedaan heb. Later gaf Tiny zelfs aan dat hij het een prestatie van formaat vindt. De omstandigheden mogen naar zijn idee zeker meegenomen worden in de beoordeling van mijn race. Daar ben ik hartstikke blij mee. Mijn zelfvertrouwen is niet weg. Sterker nog: ik vond dit een goede les voor Boston! Daar moet ik veel rustiger starten (‘Phanos Koning’ Sunny waarschuwde me hiervoor omdat je begint met een lange afdaling: de verleiding om te knallen is dan super groot). En deze race deed me weer eens beseffen: 42,195 kilometer blijft een niet te onderschatten ‘pokke-end’ 😉

CPC lakmoesproef…een PR?

IMG_20170306_143839_399Terwijl het ‘Frontrunner-stof’ langzaam neerdaalt probeer ik mijn focus op de Boston marathon te houden. In de weken nadat bekend werd wie van de bijna 2500 ‘sollicitanten’ het 30-koppige team mochten vormen, barstte een ware ‘Frontrunners-Whats-app explosie’ los. We zijn allemaal zo blij, enthousiast en vol ideeën dat er heel wat afgepraat wordt via de digitale snelweg. Dat is naast een ‘normaal leven’ bijna niet bij te houden dus het is fijn dat we elkaar langzamerhand beter leren kennen en dat we inmiddels kunnen uitkijken naar momenten waarop we live onze plannen kunnen vormgeven.

Ondertussen komt mijn Grote Dag steeds sneller dichterbij. Nog maar 5 weken en dan sta ik aan de andere kant van de Atlantische Oceaan in Hopkington, Massachusetts aan de start van die legendarische marathon die me in iets meer dan 42 kilometer naar Boston zal brengen. Mijn maag draait zich al om bij die gedachte. Zowel in positieve zin (ik kan niet wachten, zo gaaf lijkt het me!) als in de negatieve: ik vind het doodeng want ik wil zoooo graag iets moois neerzetten!20170307_175720

Ik begin -zoals ik ook bij mijn vorige marathons deed- weer keihard te twijfelen. Het lijkt zelfs wel alsof het bij iedere marathon erger wordt. Ik vraag me af of ik wel genoeg kilometers maak, mijn core wel sterk genoeg is en of ik bij een vorige marathon niet toch wat lichter was. Ik zie op een VO2max test van net voor de NYC marathon dat ik toen maar 62 kilo woog!!! Help! Ik weeg nu echt wel meer!! Die angst bezweer ik met de gedachte dat ik door al dat trainen vast meer spiermassa heb en dat ik daardoor zwaarder ben (of zou het toch de chocolade zijn?). Op een zeker moment stuur ik Tiny een mail: train ik wel genoeg op ‘hills’? Die beruchte Heartbreak hill moet overwonnen worden en liefst in rap tempo!

IMG_20170305_160642_434Arme Tiny bezweert mijn angst door een nuchter Hollands antwoord te geven en ik train gerustgesteld weer wat dagen weg… Totdat we afgelopen dinsdagavond bij de baantraining Yasso’s* gaan doen (*voor de niet-lopers: dat zijn rondjes van 800 meter op de baan die -als je ze 10 keer loopt in dezelfde tijd als je de marathon wilt lopen maar dan in minuten uitgedrukt- je marathontijd zouden voorspellen. In Jip & Janneke taal: “Als ik de 800 meter 10 keer in 3’30” kan lopen, dan kan ik ook de marathon in 3hr30′ ” lopen). Ik zie hier dus een kans om de hongerige maar onzekere PR- wolf in mij te stillen en vraag aan Tiny of ik in plaats van de nogal behouden tijd die hij mij meegeeft voor de yasso’s, mag gaan voor een tijd die ik zou willen lopen in Boston…. 

Tiny heeft gelukkig vaker met dit bijltje gehakt en stelt vakkundig een diagnose: ik heb PMS. Godzijdank niet de klassieke vorm maar een voor mij geheel nieuwe: het Pre Marathon Syndroom. Hij vraagt me nogmaals erop te vertrouwen dat de gekozen weg de juiste is en meteen voel ik mij schuldig want ik wil er zo graag op vertrouwen… alleen; de fanatieke maar ook onzekere loopster in mij komt nu bovendrijven.

IMG-20170307-WA0003Met argusogen kijk ik naar andere lopers en dan met name naar die genen die ik als voorbeeld stel: hoe lopen zij? hoe trainen zij? Als ik er bij wijze van spreken achter zou komen dat ze iedere dag 5 rauwe spruitjes eten of met hun blote kont in een bak ijs gaan zitten, zou ik dat meteen ook doen. Ik bespreek mijn gevoel met mede-marathoners en vriendinnen Marjolein en Joke. Ze zeggen lieve dingen en Joke is zo aardig om mij geruststellende artikelen te sturen: dat helpt wel maar toch vooral tijdelijk. Ik moet de stukjes blijven lezen om ze hun ‘medicinale’ werking te laten behouden.

Als ik aan het trainen ben, vallen alle PMS-symptomen weg; ik voel me happy en geniet terwijl ik wegdroom naar 17 april. Het zijn de momenten waarop ik s’avonds eens rustig op de bank zit… dan begin ik te twijfelen.

Zondag aanstaande loop ik mijn lakmoesproef, mijn ultieme test voor de Boston marathon: de CPC in Den Haag. Ik keek vandaag eens op het PR-lijstje dat ik op mijn blog bijhoud. Ik zie dan dat ik mijn snelste halve marathon liep in 1.34.58. Dat was de Stevensloop, bijna een jaar geleden…. Aan de ene kant wil ik het allemaal weer niet te groot maken maar dat verhaal van; ‘ik ben geen prof maar ondertussen …’… kennen jullie nu wel… Blijkbaar wordt het tijd om te erkennen dat je je als amateur toch kan gedragen alsof er wel echt wat van afhangt.

20170309_100758‘Zondag. Dan moet het gebeuren’. Die gedachte overvalt me deze week met regelmaat. En wat nou als ik geen ‘goede tijd’ loop? Wat nou als ik de te lopen race niet goed uitvoer? Nuchter gezien, maakt dat niks uit; de omstandigheden kunnen tegen zitten of misschien ben ik op D-day in Boston überhaupt beter in vorm. Maar emotioneel gezien zou het me zo gigantisch sterk maken als het wel lukt. Ik hoop met heel mijn hart dat mijn volgende blog er 1 is in (tijdelijke) jubelstemming omdat ik de sterren van de hemel heb gelopen!.. To be continued!

Slome Frontrunner

screenshot_20170302-093509

At this point everything is possible

Weken lang spookte het met regelmaat door mijn hoofd: ‘zou het zijn gelukt?, heb ik met mijn ‘Lieve Robert Lathouwers‘ de aandacht gewekt en daarmee mijn kans op een plekje in het Asics Frontrunner Team vergroot?’ Met nog maar een paar dagen te gaan tot de bekendmaking van het definitieve team ontving ik plotseling een berichtje van Robert in hoogst eigen persoon: of hij mij even mocht bellen…. 

20170227_133501

Vanaf een winderig Aruba stelde hij mij een belangrijke vraag: besefte ik dat je als Frontrunner alleen nog het merk Asics uitdraagt? Ik droeg op foto’s op Instagram en mijn blog namelijk -naast Asics- diverse merken… ik liet hem weten dat het mij geheel duidelijk is en niet meer dan logisch lijkt dat je als onderdeel van dit team in Asics outfit (hard)loopt. Na nog wat gezellig gebabbel over en weer rondde Robert af met te zeggen dat ik weliswaar op een ‘short list’ stond maar dat mijn ‘kostje daarmee nog niet gekocht was’…

Ik probeerde te checken of Petra Kerkhove ook gebeld was: ik had zo mijn vermoedens dat zij ook kans maakte op een plaatsje in het team. Petra pakte mijn hints niet op maar later wisten we elkaar -en onze vermoedens- alsnog te vinden. Dat hielp voor geen meter: inmiddels waren de bijna 2500 afwijzingen al per mail verzonden naar de lopers die het dit jaar nog even niet zijn geworden. Wij zaten nu samen te stressen omdat onze afwijs-mails wellicht in onze spam boxes zaten. Zo ook Celeste ; haar kende ik nog niet maar ik zag dat ze ergens de vraag stelde waarom ze nog geen afwijzing had ontvangen. Ik reageerde met de conclusie dat ze er dan misschien wel bij zat. Ook Celeste werd nu onderdeel van het: ‘hoe zit het nou?-groepje’. Uiteraard waren er nog veel meer van dit soort groepjes die via Apps met elkaar zaten te gissen over het hoe en wat. Wat zullen ze bij de selectie commissie hebben gelachen!

img_20170227_110518_570

Op maandag 20 februari stond ik met lief en kinderen op Schiphol klaar om op vakantie te gaan. We waren ‘op herhaling’ want we hadden er de dag ervoor ook al gestaan: blijkbaar hebben we zoveel aan onze hoofden gehad dat we ons een dagje hadden vergist… dat verhaal is een blog op zich maar om kort te gaan: een dagje Efteling maakte veel goed en nu stonden we dus met paspoorten in de rij voor de douane.

Ik had zomaar opgepakt kunnen worden vanwege het vermoeden dat ik coke probeerde te smokkelen. Reden?: Ik stond redelijk gespannen om me heen te kijken, mijn telefoon te checken en voortdurend te ‘app-en’. Inmiddels was er namelijk een app-groep ontstaan van ‘ZIJ DIE GEEN MAIL HEBBEN ONTVANGEN’. Met nog een paar stappen te gaan richting de douanier kreeg ik het verlossende woord:….rapapapa…tromgeroffel…..:  IK ZIT ERBIJ!!!

hiervan zijn live beelden beschikbaar ;-), kijk en geniet:

Samen met 29 anderen mag ik gaan doen wat ik -naast schrijven- het allerleukste vind: mijn liefde voor hardlopen uitdragen! Dat doe ik natuurlijk al door dit blog te schrijven en door mijn avonturen ook via Instagram te delen maar nu krijg ik met deze groep een nog mooier platform om deze prachtige sport in al zijn facetten te belichten.

Het zijn 30 heel diverse mensen geworden: van sprinters tot ultra-marathoners en ‘alles-kunners’. Ik vertegenwoordig vermoedelijk de marathoners 😉 al ben ik ook niet vies van een lekkere 10 kilometer of halve marathon ;-). Ook qua leeftijd zit er variatie in en we hebben zelfs 2 Belgische collega’s!

Een aantal van de andere Frontrunners ‘kende’ ik al; de 1 wat beter dan de ander maar het zijn allemaal mensen waarmee ik een klik heb. Dat is vreemd genoeg wel vaker zo tussen mij en andere loop-gekken. De mensen die ik nog niet ken wil ik super graag ontmoeten. Gelukkig ziet het er naar uit dat we elkaar zeer binnenkort voor het eerst gaan zien! Er wordt in ieder geval al druk gepraat met elkaar en we smeden mooie plannen onder leiding van Robert Lathouwers.

En de titel van dit blog… tja: terwijl de Frontrunners die ook bloggen uiteraard meteen aan het schrijven sloegen, lag ik met mijn luie gat op het strand. Dit is dus niet bepaald een primeur maar dit hoofdstuk van mijn mooie avontuur kon ik niet onbeschreven laten. Ik hoop dat jullie mee blijven lezen over het pad dat ik rennend verken. Next stop is Boston.. maar dat wisten jullie al… Ik ben bang dat jullie de naam van deze stad nog wel een paar keer gaan horen want de start komt nu steeds sneller in zicht. Oh… en alleen maar lui was ik niet daar op vakantie, kijk maar:

 

Keep you posted! ….

En een dikke knuffel voor Mari en Francien die -buiten mijn weten om- zeer lieve referenties hebben verstrekt; thanks guys!!

 

 

 

 

 

Road to Boston marathon: via Schoorl

img_20170212_135736_241

Foto: Jelle Bot (runningbotje)

 Over 62 dagen sta ik aan de start van de Boston marathon. Dat zijn nog twee maanden waarin ik kan werken aan alles dat nodig is om er een mooie race van te maken. Naast gevarieerde trainingen afwerken en gezond leven bestaat de voorbereiding voor mij ook uit het ‘er naartoe leven’. Eigenlijk simpel gezegd: de voorpret!

In dat kader zocht ik afgelopen week naar Blogs over de marathon van Boston. Ik vind het leuk om te lezen hoe anderen zich bij eerdere edities hebben voorbereid op een race en hoe ze hem uiteindelijk ervaren hebben. Tot mijn  verbazing kon ik geen Nederlandstalige blogs over de marathon van Boston vinden. Wel een paar Amerikaanse die ik  met plezier gelezen heb. Toch heb ik het idee dat Amerikanen hun gevoelens soms wat anders verwoorden. Dingen zijn al snel ‘fantastic’, ‘excellent’ of ‘absolutely horrifying’. Ik hoop daarom nog steeds Nederlandse/Belgische verhalen te vinden maar ik heb in ieder geval besloten om mijn ‘eigen weg naar Boston’ wat extra aandacht te geven voor als andere lopers er in de toekomst hun voordeel mee willen doen.

Mijn weg naar de V.S. liep gisteren via de plaatsjes Groet en Schoorl want ik deed mee aan de Groet uit Schoorl run, het onderdeel: halve marathon. Een tijd geleden ben ik gestopt met het schrijven van uitgebreide raceverslagen (er zijn vele bloggers die dat uitstekend doen) maar omdat deze race een essentieel onderdeel is van mijn aanloop naar Boston maak ik hiervoor nu dus een uitzondering.

img-20170212-wa0003

in het startvak met Joke

Samen met Joke reed ik al vroeg in de ochtend naar het kustgebied. Ondanks ons tijdige vertrek kwamen we maar net op tijd aan in de sporthal van Schoorl om vervolgens razendsnel onze gels in onze belts te stoppen, onze handschoenen en andere ‘warmhouders’ aan te trekken en via een sprint naar de toiletten door te scheuren naar de startvakken. Er was al ‘afgeschoten’ maar met wat dringen kwamen we toch redelijk goed in ons startvak te staan. Ik wist ondanks het gehaast mijn kalmte gelukkig te bewaren. De opdracht van coach Tiny voor vandaag was makkelijk te onthouden: ‘houd 5.00/kilometer aan tot 15 km en daarna mag je versnellen’. Joke liep de 30 kilometer en is een snellere loopster dan ik, zij had dus geheel andere instructies meegekregen. Toch bleef ik de eerste kilometers bewust bij haar. Het tempo was 4.30/km wat ik op dat moment een heerlijke snelheid vond en zo passeerden we vele deelnemers op het drukste stuk van het parcours. Ik besloot tempo te houden totdat het wat rustiger zou worden.

Na 3 kilometer besloot ik (hoe moeilijk ik dat ook vond want ik liep zo lekker!) Joke los te laten. Ik wilde Tiny en mezelf laten zien dat ik de rem erop kan zetten als dat de afspraak is. Vanaf toen begon een samenspel van 1) genieten; want wat liepen we door sprookjesachtige winterse taferelen! en 2) voortdurend mijn pace checken: ik zat continu onder de 5.00/km terwijl ik toch echt inhield… Ik woog af wat ik moest doen: te extreem afremmen leek me ook niet wijs, dan zou ik moeilijk ritme kunnen behouden. Ik besloot dus om zoveel mogelijk om me heen te kijken en de prachtige besneeuwde duinen en bossen in me op te nemen als ik maar zou voelen dat ik veel ‘over had’. Dan zou ik vanaf 15 kilometer de versnelling kunnen laten zien die er dan nog in moest zitten.

img_20170211_155905_997

tijdens een trainingsrondje door de sneeuw

Bij 13 kilometer liepen we inmiddels over een open vlakte tussen de duinen waar het flink waaide. Adem halen wordt dan wat moeilijker en logischerwijs word je afgeremd als de wind vol op je blaast. Toch kon ik prima tempo houden. Zo nu en dan vond ik mannen waar ik me achter verschuilde terwijl ik ze als haas inzette. Ik hopte van haas naar haas en wist daardoor volgens plan na 15 kilometer aan te zetten. Het ging echt heerlijk! Mijn gedachten gingen soms al naar Boston, vooral bij het beklimmen van heuveltjes en vals plat… Dat lijkt nu toch een punt van winst voor mij te worden: ik haal veel lopers in op zulke plekken wat denk ik wil zeggen dat ik ‘snel’ ben bij beklimmingen. Dat klinkt arrogant, zo bedoel ik het niet: het is meer dat het een opsteker voor mij is om me straks aan vast te houden: heuvels en vals plat bedwingen kan ik! Die gedachten zal me kracht geven als ik  het echt nodig heb. Tot de finish heb ik het versnellen kunnen vasthouden en in 1.41.19 kwam ik over de streep. Niet moe, nog kracht over en blij met dit resultaat -wetende dat ik mij heb ingehouden-.

Ik was wel een beetje ‘bang’ voor Tiny’s reactie. Ik heb me tenslotte niet geheel aan de missie gehouden. Gelukkig reageerde hij positief! Joke liep uiteraard weer een fantastische tijd op de 30 kilometer en toppers Marjolein en John liepen elders in het land ‘zomaar even’ een marathon als training. Schoorl bleek ook bij uitstek een ontmoetingsplek met super veel andere hardloopmaatjes. Ontzettend leuk om zoveel vrienden en bekenden te zien! In plaats van een medaille kregen we een handdoek. Dat vond ik als medaille-freak wel een tegenvaller maar ok…: Schoorl is zo prachtig dat ik dat door de vingers zie 😉

img-20170212-wa0004

Groet uit Schoorl!

De kunst van het hardlopen

Hoe moeilijk kan het zijn? Toen ik ermee begon dacht ik zo ongeveer dat hardlopen niet meer is dan: 1. sportkleding aantrekken 2. naar buiten gaan en 3. op een wat hoger tempo je passen uitvoeren dan wanneer je gewoon loopt. Erg eenvoudig! De meest simpele sport aller tijden! Iedereen kan het.

Natuurlijk is het ook mij opgevallen dat iedereen een eigen hardloopstijl heeft. De één loopt gracieuzer dan de ander. Sommige lopers lopen zo prachtig dat je niet anders kan dan denken dat zij verdwaalde profs zijn die per ongeluk in een recreatief parkje/bos/duingebied zijn beland. Ik zag laatst nog een geweldige quote voorbijkomen van looplegende Steve Prefontaine die zei:

schermafbeelding-2017-02-09-om-13-06-50

Niet iedereen heeft Steve’s gave. Bij sommige lopers doet het bijna pijn om naar ze te kijken: de fysieke disbalans druipt er van alle kanten af. Mensen die vreemde bewegingen maken met hun armen, ze extreem wijd houden of een soort tic lijken te hebben. Maar ook benen die strompelen, heupen die heen en weer waggelen en knieën die in bang-makende posities buigen tijdens een lokaal rondje…

Lange tijd dacht ik hoogstwaarschijnlijk dat het niet heel vreselijk is om mij te zien hardlopen. Dat veranderde toen ik mijn eerste wedstrijdfilmpje voorbij zag komen…

Door veel te lopen, anderen te observeren en erover te lezen, ben ik gaan inzien dat hardlopen toch zeker ook een technische sport is. Je kan geen punten scoren en trucjes toepassen zoals een drop shot slaan of een tegenstander poorten; er is wel degelijk sprake van techniek. En niet zo’n beetje ook. Mijn eerste kennismaking met ‘loopscholing’ was tijdens mijn baantrainingen bij Phanos. ‘Trainert’ Rene van Ravenzwaaij begon ermee ons allerlei ‘rare’ dribbel- en huppelpasjes te laten maken. Ik werd er aanvankelijk een beetje lacherig van zoals wij daar massaal als kleuters over de baan van het Olympisch stadion sprongen. Hoe vaker ik het deed, hoe serieuzer ik probeerde mee te doen (al had dat vooral met mijn groeiende respect voor Rene te maken; die pasjes vond ik nog steeds een beetje onzinnig).

Een sprong in de tijd…. Ik train nu bij GAC in Hilversum. Ook trainer Frans begint zonder uitzondering met warmlopen en ….loopscholing. Achterstevoren, pootje-over, met geheven  knieën: op alle denkbare manieren lopen wij op de baan. Ik doe vrolijk mee (en zonder lachen want de hele groep neemt dit onderdeel van de training behoorlijk serieus, of ze acteren het in ieder geval talentvol). Nog steeds snap ik niet goed wat de scholing voor me doet. Omdat Frans voor ons loopt, krijg ik eigenlijk geen correcties als het gaat om mijn houding. Wel instructies maar geen aanpassingen…. ik kan dus eigenlijk zo fout lopen als ik wil…

Omdat ik het leuk vind om van mijn loopjes een fotootje op Instagram te zetten zodat daar een soort lopers-dagboekje in beelden ontstaat, kan coach Tiny me mooi volgen. Uiteraard heb ik soms geen foto of ik besluit niets te plaatsen maar in grote lijnen kan Tiny zien wat ik doe. Al snel begon hij te reageren op mijn foto’s. Hij vindt ze misschien best mooi of leuk maar hij kijkt vooral met een getraind ‘harlopers-oog’. Tiny let niet op die mooie boom, een slim gekozen filter of die gezellige koeien op mijn kiekje. Nee, Tiny ziet naar achteren getrokken schouders en armen die niet parallel aan mijn romp staan.   

Mijn ‘zelf-reflecterend vermogen’ heeft mij doen inzien dat ik bij kritiek eerst wat tijd nodig heb om één en ander te laten bezinken, ik daarna soms even opstandig reageer maar dat ik uiteindelijk bijna altijd kijk hoe ik positief wat kan doen met de kritiek. In dit geval was het in eerste instantie anders: de feedback op mijn schouders nam ik meteen ter harte: ik liet ze heel bewust losser hangen en zodra ik voelde dat ik ze weer naar achteren trok, corrigeerde ik. Maar toen ik mijn armen daarbij ook nog meer parallel aan mijn  lichaam moest laten bewegen volgens Tiny kwam de obstinate Hedwig in mij naar boven. Ik vond het zo moeilijk! Iedere keer gingen mijn handen weer vrij snel in de oude positie. In mijn  hoofd mopperde ik op Tiny: hij kent mijn lichaam niet! Hij weet niet dat ik al 4 jaar heel fijn loop zo! …maar na wat kilometers gefoeter, zag ik uiteraard in dat Tiny mij natuurlijk niet voor zijn eigen lol helpt. Hij probeert het beste uit mij te halen voor mij.

Ik ben onwijs blij met Tiny’s aanwijzingen. Ik ben ervan overtuigd dat dit me een blessure zal besparen en wellicht zelfs extra snelheid zal opleveren. Maar wat is het veel! Naast mijn tempo’s, het nemen van kleine stappen, het proberen te landen op mijn voorvoeten, het in de gaten houden van de eventuele opdracht van de betreffende run let ik nu dus ook op het ontspannen van mijn schouders en de positie van mijn armen. Als ik het één onder controle heb, gaat het ander weer fout.

Ik heb niet de illusie dat ik ooit zo mooi als Steve Prefontaine zal lopen (al denk ik dat soms wel tijdens een eenzame lange duurloop ;-),… dromen mag he?!) maar dat hardlopen een kunst is en dat je oneindig kan werken aan de perfectie ervan is mij wel duidelijk geworden.

Zondag loop ik de halve marathon tijdens de Groet uit Schoorl run… een prachtige gelegenheid om het geleerde uit te voeren en om andermans kunsten af te kijken!

 

 

(Hardloop) vriendschappen

img_20170124_134059_599Zondag is mijn ‘lange-duurloop-dag’. Gisteren werden het 22 kilometers die ik in laag tempo doorbracht op nieuwe wegen en paden want ik liep voor het eerst richting Almere. Hoewel ik mijn aandacht erbij moest houden om de route goed te volgen, dwaalden mijn gedachten al snel af naar zaterdagavond. Wij hadden een aantal vrienden uitgenodigd voor een ‘house warming’ etentje. Het zijn voor mij niet zomaar vrienden. Dit is een groepje waarmee ik voor het merendeel zo’n 22 jaar bevriend ben. Het werd dan ook een ontspannen, gezellige avond. Geen wonder als je je omgeeft met mensen waarbij je je op je gemak voelt en waarmee je (ondanks behoorlijk wat veranderingen in ieders leven) met elkaar bent meegegroeid door de jaren heen en de vriendschappen de tand des tijds dus hebben doorstaan.

20170204_221343

Ik ben niet iemand met 50 ‘best friends’ maar heb een aantal zeer dierbare vrienden en vriendinnen die ik lange tijd ken. Mijn oudste vriendschap stamt uit mijn middelbare schoolperiode en is zo’n 25 jaar oud. Ik heb via Facebook ook wel contact met mensen die ik van de basisschool ken maar het ‘echte leven samen’ met hen is te lang geleden om van een actieve vriendschap te spreken.

De laatste jaren zijn er weinig nieuwe vriendschappen bijgekomen. Na mijn studententijd werkte ik mij te pletter waardoor ik al blij was als ik mijn ‘bestaande vrienden’ kon onderhouden qua bezoekjes/telefoontjes/het niet vergeten van bijzondere momenten in hun levens (Ik raakte desondanks wel bevriend met een aantal collega’s die gelukkig ook nog steeds vrienden zijn) …En toen er kinderen kwamen werd dat ‘onderhouden van vriendschappen’ tijdelijk nog moeilijker. Voor nieuwe mensen was simpelweg geen ruimte. 

Bovendien: vriendschap is iets bijzonders. Je wordt niet zomaar met iedereen vrienden. Je moet elkaar ‘leuk vinden’ -wat dat ook mag betekenen-, het is fijn als je gemeenschappelijke interesse(s) hebt, het is belangrijk dat je elkaar kan vertrouwen etc. En terwijl ik dit schrijf, besef ik dat dit waarschijnlijk zaken zijn die ik belangrijk vind in vriendschap terwijl een ander zoekt naar andere kenmerken. Ik heb wel eens gelezen dat je minimaal 25 momenten met iemand moet hebben beleefd voordat er sprake kan zijn van vriendschap. Vandaar dat je makkelijker vrienden maakt op school of je werk. Je brengt op die plekken gewoon veel tijd door met anderen. 

Ik breng vele uren hardlopend door en niet zelden met andere hardlopers. Vanmiddag realiseerde ik mij dan ook dat ik voor het eerst sinds lange tijd nieuwe vriendschappen opbouw. Vriendschappen die gebaseerd zijn op de gezamenlijke passie voor het lopen maar met sommige lopers merk ik dat de gespreksonderwerpen tijdens onze trainingen vaak totaal niets meer met met de sport te maken hebben. We delen belangrijke momenten in ons leven met elkaar, we hebben app-groepjes waarin we loopjes afspreken maar waarin we ook heel wat aflachen en slap ‘ouwehoeren’. We wensen elkaar veel succes toe als één van ons aan een race deelneemt en bij een blessure wordt er op alle mogelijke manieren geadviseerd en steun geboden.

Het meest ‘frappante’ vind ik nog dat ik deze nieuwe vrienden met een enkele uitzondering heb leren kennen via Instagram of via Instagrammers waarmee ik bevriend ben geraakt (Facebook deel ik bijna alleen met mensen die ik ook in het echte leven ken omdat ik daar ook dingen over mijn kinderen deel). Nooit gedacht dat sociale media zoiets moois kunnen brengen. Hoewel vriendschap kwetsbaar kan zijn, zeker als hij nog jong is, ben ik dankbaar voor deze contacten. Mijn ‘oude’ vrienden wil ik voor geen goud kwijt: die voelen als familie. Toch is het heel leuk om nieuwe mensen beter te leren kennen, zeker als je onbeperkt over je passie mag kletsen!

Thanks guys…. Oud & Nieuw: beide zijn jullie onbetaalbaar!

By the way: de foto’s in dit stukje staan natuurlijk niet symbool voor wie ik wel/niet als vriend beschouw… ‘echte vrienden’ begrijpen dat uiteraard 😉

Massages: werken ze?

schermafbeelding-2017-01-24-om-11-55-27Vorig jaar kon ik een paar maanden niet hardlopen zoals ik dat gewend was. Ik liep na de marathon van Rotterdam een vervelende blessure op aan mijn knie (later bleek mijn heup de oorzaak te zijn). Ik bezocht een fysiotherapeut die mij vooral door het geven van massages behandelde; binnen relatief korte tijd kon ik het hardlopen weer oppikken. De blessure bleef weg!

Ik deed daarna oefeningen om te voorkomen dat deze klacht terugkomt maar het regelmatig nemen van een massage voegde ik ook toe aan mijn ‘training’. Via de fysio kan je dit niet langdurig doen (als je tenminste niet als een gek door je fysiotherapie-tegoed wilt gaan qua verzekeraar en dat is onhandig als je andere behandelingen nodig hebt). Een goede masseur biedt dan uitkomst!

Als je naar elite hardlopers kijkt, is het bijna moeilijk om iemand te vinden die het nemen van massages niet als cruciaal onderdeel van zijn routine ziet. “Massage is an essential part of my training programme,” zegt Jo Pavey in ‘Runners World’. “It’s important for both performance and recovery”. Mo Farah laat zich ook regelmatig behandelen: “I get massaged by the physio all the time, it’s so important when you’ve put your body through hard work”.

De grote vraag is natuurlijk: werken massages ook echt? ik heb er wat literatuur op nageslagen en dit blijkt afhankelijk te zijn van allerlei factoren zoals; het type massage, hoe vaak je er een krijgt en de kwaliteit van de behandeling. Volgens een ervaren sportmasseur ‘hebben sport massages in de meeste gevallen een cumulatief effect’. Eén behandeling heeft wellicht ‘slechts’ een korte termijn effect, maar het verhelpen van langdurige blessures vraagt om meer tijd en behandelingen. Dit ervaar ik inmiddels zelf ook: zodra mijn spieren de handen van mijn masseuse voelen, lijken ze al te ontspannen.

Hebben wij, de recreatieve lopers, eigenlijk wel massages nodig? In een Runnersworld vond ik een stuk dat eigenlijk het volgende zegt: ‘Wij gebruiken dezelfde spieren als de profs en hebben te dealen met dezelfde ‘stressoren’. Veel recreanten gaan -op hun niveau- zo diep als ze kunnen, dus massages voor en na een evenement zoals een wedstrijd helpen blessures voorkomen maar ook om doelen te bereiken en te herstellen.’

Over deze materie valt van alles te lezen (doe dat ook vooral om een eigen mening te kunnen vormen). Ik kan alleen delen wat mijn eigen ervaring is. Na gevoeld te hebben hoe het is om geblesseerd te zijn (dat vond ik echt niet leuk !) heb ik me voorgenomen om er alles aan te doen dat in mijn  macht ligt om te voorkomen dat ik door zoiets niet meer kan trainen. Ik bezocht eerst een tijd lang Het MassageHuys in Amsterdam. Ik was daar een tevreden klant en kan voor ‘locals’ deze plek nog steeds aanraden. 1 kleine ‘waarschuwing’: omdat er verschillende masseurs werken, duurt het even voordat je de masseur hebt gevonden die is wat jij zoekt (de kwaliteit van de behandeling verschilt nogal).

Door toeval liep ik ongeveer een jaar geleden tegen Carolien Bleeker aan. Lief en ik waren moe en hadden behoefte aan een goede massage. Lang verhaal kort: Carolien kwam met haar massagetafel, heerlijke oliën en ontspannende muziek naar ons toe en behandelde ons met succes. Zij geeft allerlei vormen van massage maar wij maken gebruik van haar sportmassages. Dit is natuurlijk ontzettend luxe: in je eigen huis gemasseerd worden op een moment dat het jou uitkomt! Je hoeft niet eerder weg van je werk of zelfs vrij te nemen want Carolien werkt -als dat zo uitkomt- ook s’avonds en in het weekend. Een oppas voor de kinderen wordt uitgespaard… voor ons is het ideaal. Inmiddels laten we ons iedere twee weken door haar masseren. Ze kent mijn spieren, structuren en pezen nu als geen ander. Als ik ook maar een ‘volle’ hamstring voel, weet ik: geen zorgen: Carolien komt eraan!

Om de vraag waarmee ik dit blog begon te beantwoorden: Ik heb nooit meer blessures omdat ze simpelweg de kans niet krijgen om te ontstaan. Massages werken dus niet alleen ‘in onderzoeken’ maar ook in de praktijk. Voor Lief geldt hetzelfde: ook hij zwemt al maanden zonder pijntjes of klachten. Door haar sport-achtergrond kan Carolien ons ook advies geven over oefeningen ter preventie. Maar naast het feit dat ik geen klachten meer heb, geniet ik ook enorm van die 75 minuten behandeling. Soms val ik zelfs bijna in slaap terwijl Carolien mijn spieren flink aanpakt.

Ik besef dat het een luxe is die niet voor iedereen is weggelegd maar als je intensief traint, gun jezelf (als het kan) dan ook een masseur.

p.s.: Carolien werkt in een bepaalde regio; woon je in Noord-Holland dan zit je hoe dan ook goed, ook naar ’t Gooi en enkele andere plekken in de Randstad reist ze af (dan betaal je wel reiskostenvergoeding). Mocht je jezelf of een ander door haar willen laten behandelen dan breng ik je met alle plezier met haar in contact!

te veel marathons (?)

Een marathon volbrengen is voor vele lopers een typisch ‘bucket-list dingetje’. Ooit wil menig ‘runner’ er (net zoals ik anderhalf jaar geleden) ééntje lopen, al dan niet verbonden aan het bereiken van een bepaalde leeftijd of een andere mijlpaal. Die ene van mij, in New York, was niet het einde maar juist het begin van een niet te stuiten passie. Rotterdam en Berlijn volgden al snel en Boston is mijn volgende marathon-stop. Ik zat vanmorgen zelfs al even te gluren op de website van een Nederlandse marathon die ik overweeg voor in de zomer, ik droom daarnaast van de marathon van Chicago eind 2017 en heb zelfs al een internationale 42,195 km op de planning voor 2018… En dan begin ik nog maar niet over de stoute plannen die LeinSmilesNellie en ik smeden in het kader van een ultra marathon (mocht je het nog niet weten Nellie: dat gaan we dus doen hoor!).

Omdat de loopsport ontzettend populair is, wordt er ook veel over gezegd en geschreven. Stel jezelf een hardloop gerelateerde vraag, google deze of zet hem op een blog, website of forum en de meningen, tips en adviezen vliegen je om de oren. En die meningen met bijbehorende tips en adviezen zijn dan weer enorm uiteenlopend. Zo ook de ‘rijtjes’ van Runners World en Losse Veter : ik houd ervan en lees ze graag. ’10 tips om sneller te worden’ , ‘5 geboden om een marathon uit te lopen’ … jullie kennen het wel. Ik doe eigenlijk nooit wat met die opsommingen maar ik vind ze wel leuk. Vaak brengen deze communities hun ideeën ook via dit soort posts naar buiten. Zoveel lopers, zoveel meningen zullen we maar zeggen….

20170115_221051

Waarom deze uiteenzetting? Omdat ik mezelf soms de vraag stel hoeveel marathons ik kan lopen in een bepaalde periode zonder dat ik er lichamelijke klachten van krijg (en mijn gezin er niet onder lijdt). Uiteindelijk moet ik natuurlijk lekker zelf weten wat ik doe, en andere lopers ook maar het ontgaat mij niet dat ook over dit onderwerp veel discussie is. ‘Heb je het al gehoord?… Pietje gaat er nu alwéér 1 doen! en maar 6 weken na zijn laatste marathon! Echt onverantwoord!’ Dat ‘Pietje’ al tientallen marathons liep zonder daar last van te krijgen en dat hij vooral enorm veel plezier heeft in deze runs, doet er voor de ‘oordelenden’ niet toe…  Zij weten hoe slecht Pietje bezig is en dat moet gezegd worden tegen wie het horen wil (of niet).

Een loopvriendin van me kan ik typeren als ‘veel-loopster’. Zij loopt bijna alles dat er valt te lopen als haar werk het toelaat. Ze reist stad en land af om aan allerlei wedstrijdjes, marathons en ‘fun runs’ deel te nemen, traint op doordeweekse dagen vele kilometers… Daar krijgt ze regelmatig kritiek op. En ik zie dat ze zich dat aantrekt ook al zeggen anderen dat ze dat niet moet doen. Vooral als ze eens laat merken dat ze moe is of dat ze ergens last van heeft dan weten de ‘oordelenden’ haar te vinden: zie je wel! Te veel gelopen! Zij zagen het al aankomen!

Maar wie heeft de wijsheid in pacht?… Ik lees momenteel De mens als duurloper van Jan Knippenberg. Hij liep onvoorstelbare afstanden (bijvoorbeeld 1600 kilometer van Nederland naar Zweden). Volgens hem is  “Lopen geen sport maar een manier van reizen, waarbij geest en lichaam zich voortdurend verplaatsen. Lopen is daarom Kunst en geen middel ter bestrijding van welvaartskwaaltjes”. Jan werd niet oud. Veel te jong kreeg hij longkanker waaraan hij uiteindelijk ook stierf. En dat ondanks zijn ‘gezonde’ lifestyle. Ik heb gezond tussen aanhalingstekens gezet omdat er ook een groep is die denkt dat de kanker vat op Jan kon krijgen vanwege al het lopen dat hij deed. Ik denk dat Jan gewoon pech heeft gehad, net zoals zoveel andere mensen die onverklaarbaar ziek worden.

Zoals bij alles in het leven vind ik dat iedereen moet doen wat hij of zij goed acht. De 1 zal moeiteloos en ongestraft marathon na marathon kunnen lopen. De ander kan het beter houden bij halve marathons of twee keer per week een 10 kilometer lopen. Dat weet ik niet door een studie of omdat ik veel van hardlopen weet. Nee, ik denk het te weten door de observaties die ik in de afgelopen 4 jaar gedaan heb. Niet iedereen heeft dezelfde aanleg, conditie of bouw. Wat voor de 1 dus slecht is of slecht voelt, kan voor een ander juist goed zijn.

Voor mijzelf geldt dat ik qua lichaam prima 2 of 3 marathons in een jaar kan lopen maar daarbij moet ik mezelf wel goed verzorgen en na een 42 kilometer goed rust nemen voor herstel. Ik word blij van dit ‘inzicht’: wat staan mij nog veel fijne kilometers te wachten! Die marathon plannen die ik heb, ga ik binnenkort dus maar concretiseren !

Pace (dankzij RunBloggers run)

img_20170112_105759_479Sinds kort heb ik me aangesloten bij een groepje Belgische/Nederlandse bloggers dat leuke (tenminste dat vind ik) hardloopblogs bundelt op de Facebookpagina RunBloggersRun. Eén van hen ‘vond me’ en vroeg of ik me bij deze club hardlopende schrijvers wil aansluiten… en zo geschiedde. Als je blog RunHedwigRun heet en zo’n groep RunBloggersRun dan kan je ook bijna niet anders. Omdat het een nieuw initiatief is, zijn we nog zoekende naar vorm en inhoud maar ook naar ‘hoe kunnen we samen meer lezers bereiken’. Het is de bedoeling dat mensen die van hardlopen houden en daar ook graag over lezen ons weten te vinden. Trouwens: mensen die alleen van blogs lezen houden en die het niet uitmaakt dat wij eigenlijk voornamelijk over rennen schrijven, zijn ook een welkom publiek.

Hoe dan ook; we hebben inmiddels regelmatig contact over van alles dat met het bloggen en lopen te maken heeft en stellen elkaar ook vragen. Toch leuk als je binnen deze betrekkelijk solitaire hobby’s ‘collegae’ hebt waarmee je van gedachten kan wisselen. Een van de gesprekken ging erover hoe vaak je schrijft en hoe je dat dan in een (vaak) druk leven inpast… Uiteraard kwamen daar wisselende antwoorden op. De een werkt de hele dag en schrijft dan s’avonds tot in de late uren, de ander is flexibel qua werk en past het op een heel andere manier in zijn of haar leven in. Wel werd duidelijk dat een aantal van mijn mede-bloggers net zoals ik- vooral ideeën opdoet tijdens het hardlopen.

Ik gaf aan dat ik vaak plannen voor een blog krijg tijdens het lopen maar dat veel ervan gaandeweg ook weer sneuvelen, dit vaak door het te lang verstrijken van de tijd. Het gesprek met de RunBloggers deed me beseffen dat er een onderwerp is dat me de laatste weken erg bezig houdt en waar ik nog niet over heb geschreven.

PACE – of in correct Nederlands: TEMPO… 

Als je net begint met hardlopen is je tempo nog geen onderwerp dat je erg bezig zou moeten houden. Hooguit het zorgen voor een tempo waarin je de te lopen afstand volhoudt speelt dan een rol… Maar als je wat meer ervaring krijgt of als je bepaalde doelen gaat stellen, wordt dit onderdeel van de sport naar mijn mening van groot belang. Als je je zoals  ik focust op de Marathon dan is onder meer het langdurig kunnen lopen op een laag tempo (in je trainingen) erg belangrijk: dit vergroot je duurvermogen. Bij het lopen van een marathon zijn na een kilometer of 15 je koolhydraten wel zo’n beetje verbrand en gaat je lichaam over op hoofdzakelijk vetverbranding. Vetverbranding kost meer zuurstof met als gevolg een langzamer looptempo. Door de training van de vetstofwisseling zal het lichaam eerder en ook bij hogere snelheid kiezen voor vetverbranding dus besparing van koolhydraten tijdens wedstrijden…

img_20170110_201136_140

Allemaal reuze interessant die theorieën maar ga er in de praktijk maar eens mee aan de slag! Ik loop Coach Tiny’s schema nu 4 weken en het gaat hartstikke goed. Ik heb nog geen dag verzuimd en zijn planning omvat gevarieerde loopvormen. Maar dan steekt wel mijn Pace-probleem de kop op. En dat is niet voor het eerst: ook onder toeziend ook van coach German worstelde ik met mijn tempo’s. De eerste keer dat het bij Tiny heel duidelijkheid werd, was tijdens een Piramideloop (Bij een piramideloop zijn de afstanden of tijden gestructureerd in een piramide. Bijvoorbeeld 1-2-3-2-1(p1) kan betekenen, dat je een bepaald tempo steeds 1, 2 en 3 minuten aanhoudt met dribbelpauzes van 1 min.)Ik begon met warmlopen en vervolgens aan de Piramide in het tempo waarin ik dit moest doen. Ik gebruik een Polar m400 om mijn tijden en pace bij te houden. Normaal is het horloge een prima gadget maar dit keer liet hij me in de steek. Als ik versnelde, duurde het behoorlijk lang voordat mijn Polar dit oppikte, om vervolgens aan het einde van de versnelling ‘plotseling’ te laten zien dat ik inmiddels op een veel te hoog tempo liep. Het is moeilijk uit te leggen maar zie het als een echo: ik kreeg mijn tempo telkens met grote vertraging te zien waardoor ik niet op tijd kon bijstellen. Daarnaast is het (sorry!) rete-irritant om al hardlopend voortdurend op je klokje te kijken. Uiteindelijk had ik dus veel te hard gelopen en misschien klinkt dat tof: als het niet je training is dan wil je dat absoluut niet.

20170112_103200Ook bij mijn duurlopen overkomt het me dat ik echt probeer het lage tempo aan te houden dat ik moet lopen maar dat dit niet goed lukt. In het begin lag het aan mij: ik vind langzamer lopen gewoon moeilijk. Maar inmiddels zie ik dat mijn Polar regelmatig het GPS signaal kwijt is. Dan loop ik in het bos en geeft het horloge aan dat ik niet 5:45/km loop maar 22:29/km… dat is nogal een verschil, bovendien klopt het ook echt niet. Mijn gemiddelde tempo wordt er tevens door beïnvloed en dit aanpassen is wederom lastig. Ook wanneer ik even stop voor een foto of om mijn veters te strikken ofzo heeft dit direct effect op het horloge.

Uiteraard kan ik door al het lopen steeds meer vertrouwen op mijn ‘inner-pace’: ik voel steeds beter aan hoe snel ik loop. Maar bij intervals en piramide’s wil je gewoon exacter zijn dan ‘een gevoel’…

Ik ben ECHT oprecht heel benieuwd hoe andere lopers hiermee omgaan!  Wie het weet, mag het zeggen! Thanks!

Running girl van de week ;-)

screenshot_20170109-120524

foto: Andy Astfalck voor Runners world

 

Met de Halve van Egmond nog in mijn benen ben ik op deze druilerige maandag in het zonnetje gezet! Hartstikke leuk (en trots!) dat RunningGirls.nl mij heeft verkozen tot ‘running girl van de week’. Het artikel dat hierbij hoort, vind je via onderstaande link:

RunningGirls.nl

Veel leesplezier!

Oh en ik werd ook nog gewezen op een paar sfeerplaatjes (onder andere geschoten door Runners World) van tijdens de Halve van Egmond. Die wil ik toch even delen hier, net zoals een paar foto’s die ik zelf maakte

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ik liep hem -voor wie het interesseert- trouwens in

schermafbeelding-2017-01-09-om-14-02-57

Dat is dus een kleine 7 minuten sneller dan vorig jaar toen ik er 1.47.13 voor nodig had om hem uit te lopen (al waren de omstandigheden toen veel zwaarder!). Maar er is toch weer progressie! Blij mee!